Soort

Risicospectrum

Orde

Hymenoptera

Afbeeldingen

 

Gevoelige soorten

Tilia (linde)

Quercus (eik)

Salix (wilg)

Biologie

De lindebladwesp (Caliroa annulipes) zet in mei haar eitjes aan de onderzijde van het blad af. Het vrouwtje beschadigt hiervoor het blad en zet de eitjes verdeelt af. De lindebladwesp (Caliroa annulipes) heeft vaak twee cyclussen per jaar.

Na veertien dagen verschijnen de larven die aan de onderzijde van het blad het bladmoes wegvreten. De opperhuid van het blad blijft zitten welke door de vraatschade vanaf de onderzijde pleksgewijs bruin verkleurt. De bladeren krullen en vallen vroegtijdig indien de aantasting groter is. De larven verpoppen in juli waarna binnen twee weken weer een nieuwe generatie lindebladwespen ontstaat. In augustus komt de tweede generatie larven uit welke als pop in de grond overwinteren.

Effect

Voornamelijk een cosmetisch effect bij meerjarige massale aantasting kan de conditie van de boom afnemen.

Verspreiding

Algemeen in Nederland.

Herkenning

De lindebladwesp (Caliroa annulipes) heeft een zwart met geel achterlijf en is 7 tot 8 mm lang. De larve heeft een breed uitlopende voorzijde is ongeveer 10 mm en lijkt sprekend op een naaktslakje en heeft geen pootjes. Aan de onderzijde van het blad bruine plekjes, later in de zomer opkrullen en bladrui.

Beheer

Niet van toepassing.

Te verwarren met

Elzenhaantje (Agelastica alni) deze leeft echter op els en de larven zijn zwart.