Soort

Risicospectrum

Orde

Coleoptera 

Afbeeldingen

 

Gevoelige soorten

Fraxinus (essen)

Biologie

De essenbastkevers hebben één generatie per jaar. De kleine bonte essenbastkever (Hylesinus fraxini) overwintert onder de bast van gezonde bomen. In het voorjaar vliegen de kevers uit en maken nieuwe horizontale moedergangen onder de bast van net afgestorven of kwijnende bomen. Het boorsel wordt uit de gang gewerkt. In de moedergang worden de eitjes gelegd waaruit de larven komen die het typische vraatpatroon vertonen wat sterk vergelijkbaar is met de kleine en grote iepenspintkever (Scolytus scolytus). De vraatgangen zijn zelden langer dan 3 cm en meestal van smal naar breder uitlopend.

Na verpopping van de larven vliegen de kevers aan het einde van de zomer uit en overwinteren dan weer in de bast van gezonde bomen.

Effect

De kleine bonte essenbastkever (Hylesinus fraxini) heeft een voorkeur voor verzwakte bomen.

Sterk aangetaste bomen sterven af.

Verspreiding

Algemeen in Nederland.

Herkenning

De kevers zijn tot 3 mm lang, zwart met gele vlekken. Kenmerkende rozetvormige vraatpatronen met horizontale moedergangen. De larvegangen zijn volgepropt met boorpoeder. Larve is tot 5 mm lang, pootloos en wit.

Vraatbeeld en schadebeeld is hele jaar door herkenbaar, kevers zijn vanaf april waar te nemen, van mei tot juli zijn larven aanwezig onder de bast. Na juli zitten de kevers verborgen in kleine boorgaten in essen.

Beheer

Bestrijding is slechts nodig bij een zeer ernstige keveraantasting. Door aangetaste bomen weg te halen of te versnipperen verkleind de populatie. In de jaren 50 van de vorige eeuw is in het Amsterdamse Bos geëxperimenteerd met het uitleggen van vangstammen welke vervolgens afgevoerd werden.

Te verwarren met

De kleine en grote iepenspintkever (Scolytus scolytus), deze leeft voornamelijk op iep en de eikenspintkever (Scolytus intricatus), deze leeft voornamelijk op eik.